De lezers van Metro, een krant die Dolf Jansen ooit omschreef als de krant voor mensen die te beroerd zijn om te betalen voor hun krant, schrokken zich vrijdag kapot. Aangezien ook ik te beroerd ben om geld uit te geven aan een krant (de HUMO kost al genoeg met al die DVD’s) was ik vrijdag één van hen.
Voor de niet-treinreizigers en principiele Metroweigeraars wil ik graag de emotionele kuip mortel schetsen die de lezer over zich heen gestort kreeg toen hij bladzijde zoveel omsloeg en de volgende bladzijde onder ogen kreeg. Stel u voor: het is vrijdagmorgen, u heeft een zware week achter de rug. U weet niet wat er nu met uw fortisaandelen gaat gebeuren, etcetera. U denkt ik lees de krant, lekker gratis, dus u slaat de Metro op een willekeurige bladzijde open. Bam, vlak in uw gezicht: een lachende Bart De Wever.
Voor de lezer die het zich nog niet kan voorstellen: klik even op deze link. Liefst niet vlak voor of na uw eten, het kan hard aankomen. Als ik er u dan nog bij vertel dat op de bewuste Metropagina mijnheer de Wever een hartje in zijn hand hield dat hij mij als het ware offreerde, is ook uw dag nu misschien naar de haaien. Het spijt me.
Het valt me op dat de guerilla-campagne waarover ik een paar dagen geleden iets schreef en dat ik binnen afzienbare tijd zelf wil uittesten, zijn weg heeft gevonden naar de politiek. De SLP voert campagne in toiletten, aangezien hun budget klein is en hun creativiteit (bweik) groot. En de N-VA is lief. Althans, dat lijkt de bedoeling.
Moet ik uitleggen dat het marketingteam iets te zichtbaar is in de campagne? Of is de glimlach van De Wever oprecht? Weet De Wever überhaupt dat zijn partij momenteel campagne voert met een plopsalandachtige website? Of verstuurt u graag e-cards met een politieke boodschap? Ik citeer: “Uw nichtje vroeg meer informatie over “de politiek”? Uw collega toonde al interesse voor de N-VA? Uw buurman vroeg u waarom een staatshervorming nu nodig is.Op een toffe manier kan u hen nu een politiek postkaartje bezorgen en meteen de weg naar meer informatie over de N-VA wijzen.”
Het woord is er uit: TOF. Op een toffe manier. Als mijn nichtje informatie vroeg over “de politiek”, ik zou haar alles geven behalve een e-card van de N-VA. En wat is dan de toffe manier? Een opsomming: een politieke campagne met de titel “We blijven hart werken voor Vlaanderen”. Want dat is tof. We schrijven hard met een t en zetten dan hartjes op onze website. Een lachende De Wever, met een hartje in zijn klauwen. Titeltjes in roze letters, die we gejat hebben van Sara de telenovella, want daar keken veel mensen naar. Het is, eerlijk gezegd, om van te kotsen.
Ik stel mij het partijbureau van de N-VA voor op een dinsdagmiddag: de reclamejongens, die de helft van het budget al hebben meegegraaid komen hun idee voorstellen. Bart De Wever heeft zich net volgestopt, met vlees uiteraard, en zit een beetje nukkig aan zijn bureau grapjes te bedenken voor De Slimste Mens. Dan komt de geblondeerde oppergod van het reclamebureau binnen. De Wever trekt zijn broek op en schudt de man de hand. “Van nu af, bent u niet meer mijnheer De Wever. Van nu af ben jij Bart!” Bart schrikt. “En u gaat lachen op de foto’s, dan vinden de mensen u veel symphatieker!” Bart wordt bleek. “En we hebben een website met toffe hartjes!” Bart vraagt of hij zich even mag terugtrekken, en gaat zachtjes huilen op het toilet.
Ik heb medelijden met Bart. Waar is de tijd van de Vlaamschen Leeuw met klauwen? Van de luis in de pels, die met een pokerface de concurrentie afmaakte? N-VA moet een gezinspartij worden. De ballen moeten eraf, want anders is “de politiek” niet tof genoeg. De bewuste campagne is vooral heel erg fake en onoprecht. De Wever is geen vlotte Bart, hoewel hij volgens mij privé een lieve vader en zorgzame man is. Het is een ietwat norse en cynische man die hard werkt voor zijn partij. En daar moet hij niet tof voor zijn.