Stem voor Sky Castles, het octet waar ik nu zo’n paar maanden de bassnaren mismeester, en kom ons begroeten op Marktrock! We hebben er veel voor over om op het laatste festival waar Stella wordt getapt te spelen!
Stem voor Sky Castles, het octet waar ik nu zo’n paar maanden de bassnaren mismeester, en kom ons begroeten op Marktrock! We hebben er veel voor over om op het laatste festival waar Stella wordt getapt te spelen!
Naar het schijnt worden 95 procent van de blogs spooksites, van die sites die nooit meer worden aangevuld. Hier hebben we er nog eentje. Nu heb ik het afgelopen jaar voornamelijk gespendeerd aan het schrijven voor het Rits, om toch maar dat papiertje van scenarioschrijver in handen te krijgen. En omdat het jolly good fun is om voor film en televisie te schrijven. Enfin. Een update, voor de hongerige LCD/flatscreenbuiskinderen:
Ik heb net de voorstellingen van Frankenstein…of Smrtnwsk alleen! achter de rug, een vrij geschifte voorstelling met een tekst van Hugo Matthysen. De regie was van mijn hand, de ploeg voor 90% die van Rigor Mortis en voor het eerst heb ik ook gewaagd aan de scenografie. Het was me niet tegengevallen, ga ik meer doen.
Nu het heugelijke nieuws: ondergetekende is vanaf heden, en voor het het eerst in de geschiedenis, de huispoëet van de federatie voor Vlaamse theaterjongeren, beter bekend als Plankton. Een jaar lang mag ik dus gedichten schrijven voor Plankgaz. Onderstaand het gedicht waarmee ik mij doorheen de selectie heb geëlleboogstoot.
Dan verder regisseer ik tegen januari de voorstelling De Kus van Doornroosje, een familievoorstelling vanaf een bepaalde leeftijd die uiteindelijk wel weer te laag zal liggen, heb ik plannen voor een andere voorstelling/performance, schrijf ik als eindwerk aan het Rits een toneelstuk over het menselijk genoom, werk ik aan drie televisieseries en een langspeelfilm, is mijn eerste kortfilmscenario bijna af, ben ik bas gaan spelen bij de Lierse band Sky Castles, waardoor er maar liefst acht optredens (4 Sky Castles, 4 Janssens&Truyts) gepland staan, ga ik meespelen in een enscenering van Tartuffe waarbij ik ook de muziek voor mijn rekening zal nemen, kortom: slapen zal er niet teveel bij zijn. We zijn immers fanatiek.
Met een beetje geluk hou ik deze blog verder wel in leven en anders: jammer.
GJ
Het is die geur
in mijn godversleten theater
dat rood pluche waar het
stof van jaren hangt.
Die zwart afblarende muren
voor-aanvangs-uren en die
muurtjes van karton of
spaanderplaat
Staat dat vast? Zet er maar iets
tegen dat het niet omvalt. Ziet ge
dat vanuit de zaal? Wacht ik loop
van cour jardin en terug. Nee, ge ziet
het niet.
Het is die geur
van shminkpottekespalletten
valse tetten en hamletten die
vereerd! Getravesteerd!
De deuren in en uit en
op de zetel, onder en dan
weg.
Allé naa?
Timing, dat is het. Ze doet dat goed.
Dat het maar rap gedaan is, dan zitten we
rapper op café. Pas op voor die tweede
voorstelling, die première was al zo goed,
ah ja, slechte generale.
Het is die geur
van mensen bijeen
gepakt en gezakt
om te zien en te spelen
te voelen.
Het is die roodpluchen
liefde voor het stof
in de coulissen.
We moeten afbreken, en dat doet zeer.
Maar volgende keer staan we hier weer
Met dezelfde panelen in een andere kleur.
En andere verhalen door dezelfde acteurs
Het is die geur.
Theaterkabinet Lilith brengt Liliput, een ode aan een vergeten mythologische dame.
Wie denkt dat Eva de eerste vrouw was waar Adam vrolijk mee door het paradijs rollebolde, heeft het mis. Adams eerste liefde was Lilith, maar omdat zij weigerde zich aan haar man te onderwerpen, vluchtte ze uit het paradijs. Ze werd door god verbannen naar de Rode Zee en verdween vervolgens ook uit de heilige boekjes. Lilith zint uit op wraak. Ze zal alle mannen en vrouwen bespelen, leegzuigen en pasgeborenen in het kraambed wurgen.
Laat je verleiden, beduivelen en ontdek de magische, licht erotische wereld van Lilith.
Ik schreef de teksten die Theater Lilith gebruikte voor deze bijzondere voorstelling. Meer info en data vind je op http://www.lilith.be.tt/
Ok, ik geef toe: het is een fiasco. Ik blog al maanden niet meer, krijg geen fatsoenlijke letter op papier gezet, het trekt finaal en uiteindelijk op geen kloten. Maar ik heb er uitvluchten voor, te weten de studie die ik eerstmaands hoop af te sluiten en de studie die ik volgend jaar zal beginnen. Het is me wat. Enfin, laat ons even resumeren.
Ik studeer eind dit jaar afgeklopt en wel af als Master in de literatuur van de moderniteit en Bachelor in de Nederlandse taal-en letterkunde/Theater-, fil-, en literatuurwetenschappen. Mijn diploma zal slechts tien centimeter hoog zijn, maar wel heel lang om de titel in kalligrafie te herbergen. Hiervoor moet ik nog wel een en ander doen, met name het schrijven ener scriptie over De Zwarte Hand van boontje en een paper over De Kapellekensbaan van diezelfde Boon. Het zou kunnen dat daar morgen een en ander bijkomt maar laat ons hopen van niet.
Iets langer wens ik stil te staan bij de knotsgekke avonturen die ik volgend jaar wens te beleven in onze hoofdstad. Ik zal namelijk gaan studeren aan het Rits, de filmschool alwaar de creatieve medemens eveneens kan leren schrijven. Tot het moment dat ik dat onder de knie heb: sorry. Zonder al te veel wind of regen tegen zal ik dan binnen twee jaar afstuderen als Master in de Audiovisuele Kunsten, optie schrijven. Nu u weer.
Voor deze studie is er een toelatingsproef. Voor eenieder wie daar wel eens van gehoord heeft, en zich door clichés omringt weet over onmenselijke jury’s, waanzinnige proeven, vragen naar de meest intieme details: het is waar. Het is niet te doen, ze vragen de kleur en de lengte van je schaamhaar, willen dat je geblinddoekt over een touw rent en terwijl een korte samenvatting van Twin Peaks geeft en ten slotte zeggen ze doodleuk dat je het beter nog eens kan proberen in de slagerijschool, daar is de jungiaanse psychologie nog wel in trek. Bovenstaande zou ietwat overdreven kunnen zijn. Ok, ze gijzelen je mentaal drie dagen, waarin je maar zes uur slaapt. Ze stellen lastige vragen en zijn helemaal niet zo enthousiast over je zelf gemaakte filmpje als je mama. Ze vragen om op twaalf uur tijd een afgedrukte fotoreeks te maken met een mooi thema en stilistische inspiratie. Maar ze zijn eerlijk: als je onzin vertelt dan zeggen ze je dat. En ik heb onzin verteld, daar ben ik eerlijk in: Bush is niet de tiran waarvoor ik hem versleten heb, het was het democratisch verkozen hoofd van de Verenigde staten van Amerika. Bij deze mijn excuses aan GWB.
En uiteindelijk, dat vreselijke moment van de proclamatie, waar je alle alfabetische namen hoort en er plots duizend mensen wiens naam met De begint bestaan en je uiteindelijk toch je eigen verlossende voornaam hoort. Je zou er bijna gelukkig van worden. Bijna.
Enfin, kortom, soit: volgend jaar ga ik schrijven volgen aan het rits. Ik ga er misschien ooit nog een beroep van maken.
Mijn hemel, wat word je daar verlegen van. Van zo’n premiére dan, bedoel ik. En van zo’n staande ovatie. En van al die lieve mensen die komen zeggen hoe goed ze het wel niet vonden. En van die mensen met ervaring en heel veel talent die zeggen dat ze ook talent bij jou zien.
Gisteren ging Rigor Mortis, dat toneelstuk waar hierboven nog tevergeefse reclame voor staat (want de hele zooi is stampend uitverkocht, op een extra voorstelling, morgen om 15u00 na), in Avant-Premiére. Enfin, officieel was het de generale repetitie, maar de zaal zat toch al behoorlijk vol. Ondergetekende zat achterin de zaal naar het publiek te kijken. Nagelbijtend en alle teksten van zijn acteurs in stilte opzeggend.
En ze vonden het goed. Jawel. Ze vonden het goed. Ze. Vonden. Het. Goed. En vernieuwend. En verfrissend. En serieus. En hilarisch. Mijn god. Ik word er verlegen van. maar dat zei ik al. Ik ga een douche nemen. De generale van mij afspoelen en genieten van het weekend.
X
GJ
P.S. Als er iemand een regisseur/schrijver nodig heeft…
P.P.S. Als er iemand nog wat centen over heeft, mijn laatste pint moest met kopergeld betaald worden.
P.P.P.S. Hieronder het tekstje uit het programmaboekje. Ik vond het zelf wel wat hebben.
Lieve dood,
Ik beken: ik heb u uitgedaagd. Ik heb u vanuit de verte toegeroepen en -gezwaaid, u alvast even bekeken en een stuk over u geschreven. Ik moet me schamen, zoals ik uw naam schaamteloos door personages in de mond liet nemen om mijn eigen angst voor ons weerzien uit te schreeuwen.
Maar ik ging verder, lieve dood. Ik zocht acteurs en actrices die mijn woorden uit wilden spreken, die iets herkenden in wat ik schreef. Ik vond er twaalf, en mijn stuk zou ook echt opgevoerd worden. Toen echter, lieve dood, werd het al te gortig: wij gingen spelen met mijn bloedserieuze tekst, omdat wij u enkel door minachting voldoende eer konden bewijzen. Wij moesten spotten met onze eigen twijfels. Het leven is al triest genoeg en de lach zal altijd de angst blijven bezweren.
Vanavond wordt onze kortstondige samenwerking aan een publiek getoond, lieve dood, waarmee zij onmiddellijk ten einde komt. U was mijn muze, maar vanaf vanavond zal u weer aan de horizon moeten staan om mij op te wachten. Het spijt me zeer, lieve vriendin, dat ik u nu weer moet laten staan, dat ik alleen nog maar zal wuiven en mij van u verder geen fluit meer aantrek.
Toch bedank ik u voor uw zegen. Kijk vanuit de verte nog maar eens naar dat jonge geweld en betreur dat u ze pas over lange tijd zal ontmoeten.
Liefs,
Gert-Jan
Ik moet een mening hebben over de nieuwe aartsbisschop. André Léonard, Dré’ke Leo voor de vrienden, is zoals het songfestival: je bent pro of contra, de ene facebookgroep of de andere. Kant kiezen. Ik herbekeek het journaalitem waarin den Dré zijn zeg deed en een ding viel mij op: als een Waal Nederlands praat, klinkt hij standaard alsof hij teveel gezopen heeft. Politicus of bisschop, Les Wallons zijn zo enthousiast over hun kennis van de Vlaamse spraak dat ze triomfantelijk onverstaanbaar worden. Aandoenlijk.
Ik kreeg onmiddellijk sympathie voor de Leo: het christelijk geloof heeft een bron. Wij zijn allemaal kinderen van Christus. Wij zijn samen onderweg. Halleluja. Ik heb wat research gedaan naar de facebookgroep die pastoor Delanoy oprichtte om te protesteren tegen de aanstelling van Zotten Dré: een terugkeer naar de middeleeuwen, de nazi’s zijn weer binnen, een maatje van Ratzinger! Dat laatste wordt dan als bewijs naar voren geschoven: een vriend van de machtigste man van de kerk, dat kon toch onze aartsbisschop niet worden. Gatverdamme.
Daar ben ik het mee eens. De Vlaming is geen bazenpoeper. Het is een stille revolutionair, die voor zijn meerdere buigt en achter zijn rug een middelvinger opsteekt. Hij draait mee met de wind naar het hem uitkomt en als het er op aankomt blijft hij toch gewoon vreten uit de hand die hem het meeste te vreten geeft.
En blijkbaar wordt het stille Vlamingske onwel van Leo Lupus, die in het openbaar en consequent een overtuiging aanhangt die overeenkomt met die van de paus. C’est ça. En de Vlaming is er nog steeds van overtuigd dat de Aartsbisschop, de plaatsvervanger van de paus, de plaatsvervanger van Goddevader, macht heeft in Vlaanderen. Dat Leterme iedere avond in het Frans te biecht gaat bij de monsenieur en dan zijn politieke agenda krijgt gedicteerd.
En wat doet het Vlamingske? Hij predikt de revolutie in een facebookgroep, trekt ten strijde tegen zijn scherm. En als het zover is, dan zal het Vlamingske wel buigen, dat is hij gewend. Met een opgestoken middelvinger, natuurlijk. Zo is de Vlaming wel.
Nu het buiten ijskoud en sneeuwwit is. Nu de Belgische kindjes binnenkort de naam van een rivier minder moeten onthouden, maar wel het uit slechts een naam bestaande lijstje ‘gigantische riolen van België’ moeten kennen. Nu Anderlecht van Ajax is gewonnen. Nu op straat mensen doodvriezen of gered worden door de koning. Nu de verkoop van beeldjes van de dom van Milaan boomt. Nu een Nederlander eindelijk eens het Groot Dictee gewonnen heeft. Nu in Kopenhagen beslist wordt of we wel of niet gaan proberen om de wereld te redden. Nu de president van Europa eigenlijk gepensioneerd had moeten zijn. Nu diezelfde president ook de hobby van een gepensioneerde beoefent, zijnde haiku’s schrijven. Nu haiku’s nog altijd veel te pseudo-diepzinnige brokjes tekst zijn. Nu de crisis niet belet dat de winkels worden leeggegraaid op zoek naar een geschikt cadeau. Nu het rookverbod zo ingewikkeld wordt dat je alleen nog mag roken aan een tafeltje waar een asbak staat, mits je geen aardappelgerecht besteld hebt (voor je het besteld hebt mag het nog wel), behalve als je je patatten in schijfjes laat frituren want dan zijn het officieel chips maar die regel geld slechts tot 2012 of 2013 of 2014 (daar zijn ze zelf nog niet zo goed uit). Nu de files nieuwe toppen scheerden en nu komieken het land regeerden, nu eindigt het jaar. En laat ons eerlijk zijn: hoe rapper het voorbij is, hoe beter. Ik wens iedereen een dronken nieuwjaarsnacht en een beter 2010.
Tekst en Regie: Gert-Jan Janssens
Scenografie: Dries De Win
Lichtontwerp: Dirk Ceulemans
Data: 9 en 10 april 2010 om 20u
11 april 2010 om 15u
Kaarten: € 9 (60+; studenten en groepen vanaf 10 personen: € 8 )
Reservatie: 03/480.48.27
E-mail: frank.vanroy@worldonline.be
Info: http://www.teaterlier.be
Hoe vaak komt het voor dat ge met uw vrouw uit eten gaat? Niet dikwijls, dacht Ludo Van De Wijngaerdt afwezig, toen hij de stoel onder het achterwerk van zijn echtgenote schoof. Ze aten slechts een keer per maand op restaurant, misschien twee, als er iets te vieren viel. Er viel gelukkig altijd wat te vieren, zoveel reden tot eten hadden zij niet nodig: een wasmachine die was afbetaald, de verjaardag van de hond -waarbij Blackie een luxe schoteltje stoofvlees kreeg in plaats van het gebruikelijke aluminium bake water-, elke gelegenheid was goed genoeg om de benen in brasserie of taverne onder tafel te schuiven.
-Wat pakt gij?
-Steak Provençale.
-Weer Provençale?
-Ja.
-Ik ga ook terug pepersaus pakken.
-Hm. Ok.
-En een cola light.
-Ja. Voor mij een Hoegaerden, alstublieft.
De ober ging het bestelde halen. Hij had evengoed het bonnetje van vorige week kunnen bekijken en hetzelfde brengen als toen, aan hetzelfde tafeltje voor hetzelfde koppel.
Ze aten in stilte, zoals hij dat al jaren gewoon was. Ze moesten geen al te grote moeite doen om een gesprek op gang te houden, gewoon samen eten was al blijk van liefde genoeg.
Ludo bekeek zijn vrouw, en zag dat ze oud geworden was van de ene dag op de andere, zeker nu zij met een randje pepersaus om de lippen zat te kauwen op een goed doorbakken biefstuk. Ook hij was grijs geworden bij de slapen, maar hij deed toch zijn best om zich tenminste een beetje jong van geest te gedragen. Beetje moderne kleren, tikkeltje aftershave, om de zoveel tijd een ander kapsel met gel. Bij haar was niets van dat alles te merken, zij had evengoed tien jaar ouder kunnen zijn.
Hij nam een slok van zijn bier, en smakte om aan te geven dat het hem smaakte, zoals hij elke keer smakte om de smaak van zijn eten te benadrukken. Zij dronk gulzig van haar cola light, twee, drie slokken na elkaar, zonder plezier, zonder smaak. Het glas was leeg, en toen zij het laatste brokje steak had verorberd peuterde zij het schijfje citroen uit het glas om het gulzig naar binnen te slurpen. Hij zag hoe haar gezicht vetrok door de zure smaak, en riep de ober om de rekening te brengen.
-Heeft het gesmaakt?
-Ja, heel lekker.
Net hetzelfde als vorige week, de dank voor de ober, de fooi voor de ober en de prijs van spijs en drank. Ook deze gelegenheid hadden zij gevierd zoals het moest, met een etentje in een van hun favoriete tavernes.
Vaak genoeg, dacht Ludo Van De Wijngaerdt, toen hij zich afvroeg of hij zijn vrouw wel vaak genoeg op eten vergastte. Hij opende de deur voor haar en stapte met een kleine zucht in de wagen om weer te keren naar het alledaagse leven.